De valkuil van de automatische piloot

In ‘Kijk in de Wijk’ schrijf ik over kleine, mooie, bijzondere, ontroerende of opvallende dingen die ik meemaak in mijn werk als wijkverpleegkundige.


Als moeder van vier kinderen onder de 7 jaar oud, help ik niet alleen cliënten met wassen en aankleden. Je begrijpt dat ik mijn kinderen achter elkaar in en uit bad haal, de handdoek er kort maar krachtig over haal, hun broek omhoog trek en na een liefdevolle tik op de billen de ‘volgende!’ roep. Wees gerust, cliënten help ik met veel meer attentie en geduld, al zeg ik het zelf.

That awkward moment…

Het mooie van mijn werk is dat ik vrijwel wekelijks al jarenlang (dezelfde) mensen help met wassen en aankleden waardoor ik bijna alles blindelings weet te doen. De valkuil is echter dat foutjes erin sluipen of in dit geval, je je professionaliteit kan verliezen. Zo gaf ik na een douchebeurt mijn cliënt uit het niks, maar nog net niet die ene tik op de billen. Ik was even in shock van mezelf, was me bewust van mijn ‘moeke’-actie en kon er ook best even hoofdschuddend (in mezelf) om lachen.

Schrikdraad

Maar hoe makkelijk is het dus om je professionaliteit te verliezen als je lekker bezig bent? En wat houdt je tot die grens? Bij mij voelt het als een soort ingebouwd schrikdraad waar ik tegenaan kom. Herkenbaar?

Hoe houd jij jezelf binnen de grens als zorgverlener en wat voor vergelijkbare situaties heb je meegemaakt?

De valkuil van de automatische piloot